fbpx
Editie 3 House Home Lifestyle 2015 Surgoed Makelaardij NV 007 999x750 - Monumentaal pand Sociale Zaken staat op omvallen

Monumentaal pand Sociale Zaken staat op omvallen

Monumentaal pand Sociale Zaken staat op omvallen

Huis en zijn verhaal

Veel gebouwen in ons land verbinden ons met onze geschiedenis, alle hebben ze hun eigen verhaal. De rubriek ‘Het huis en zijn verhaal’ vertelt er over. Dit keer bespreken we de historie van de gebouwen die we nu kennen als het hoofdkantoor van het Ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting (Sozavo), aan de Waterkant op nummer 30 en 32.

Editie 3 House Home Lifestyle 2015 Surgoed Makelaardij NV 007 400x536 - Monumentaal pand Sociale Zaken staat op omvallen

Vanaf de jaren ‘70 zijn deze gebouwen eigendom van de overheid. Op dit moment doen ze dienst als hoofdkantoor van het ministerie van Sozavo. Het meest kenmerkende aan het pand op nummer 32, op de hoek van de Waterkant en de Kromme Elleboogstraat, zijn de steigers die het gebouw ervan lijken te weerhouden in elkaar te storten. Navraag op het Ministerie van Sozavo leert dat de afdeling Algemene Zaken is gehuisvest op de benedenverdieping van het pand. De eerste etage wordt niet meer gebruikt omdat het pand op instorten staat, aldus een medewerkster. De overige afdelingen van het ministerie en minister Alice Amafo werken in het gebouw op nummer 30.

Geschiedenis

Wat weten we over de geschiedenis van deze panden? Als Paramaribo in de 17e eeuw de nieuwe hoofdstad van Suriname wordt staan er zo’n vijftig a zestig houten huizen in de hele stad. De ontwikkeling van de bebouwing langs de Waterkant wordt bepaald door een aantal grote branden. Het klimaat, dat soms lange periodes van droogte kent, de beperkte beschikbaarheid van brandblusmiddelen en de hoge brandbaarheid van de houten huizen vormden continue een gevaar. Wat op 21 januari 1821 gebeurde lijkt onvermijdelijk.

Op de hoek van het Gouvernementsplein, het huidige Onafhankelijkheidsplein, en de Waterkant breekt een brand uit die ongeveer 400 huizen in het mooiste deel van de stad met de grond gelijk maakt. De ontsteltenis is, net als de schade, enorm, zo blijkt uit een verslag dat na de brand verscheen. “Het vuur was te hevig, om aan een uitblussching van hetgeen reeds in den brand stond te denken: dus moest men dat alles geheel ter prooi van de vlammen overlaten. De huizen aan den Waterkant tot bij de Kromelleboog-Straat brandden in korten tijd geheel af” (Uden Masman, 1821). Deze brand lijkt te zijn ontstaan door een ongeluk. Een kleinere brand in 1832 gaat de geschiedenisboeken in als een door slaven gestichte brand, beter bekend als “Cojo Branti”. Cojo, Mentor en Present zijn drie van de plantage gevluchte slaven. Ze hielden zich op in de stad en stalen ’s nachts voedsel om zichzelf in leven te houden. Met het idee een grotere slag te slaan, stichtten ze als afleidingsmanoeuvre een brandje. Dit liep uit de hand en bijna 50 huizen brandden af, ook de huizen aan de Waterkant. Uiteindelijk werd het trio berecht en op brute wijze gedood op de brandstapel. De rechter achtte bewezen dat ze het eigenlijk gemunt hadden op de blanken en van plan waren hen uit te roeien (Buku Bibliotheca Suriname).

De gebouwen die we anno 2015 zien aan de Waterkant dateren dus van de periode na deze branden. Op de fundamenten van een voormalig Portugese Joodse synagoge staat nu het hoekpand op nummer 32. In 1838 vroeg de toenmalige eigenaar George Lodewijk Ropperhoff, een Duitse koopman en planter, om een vergunning voor het plaatsen van het voorbalkon. Dit balkon is er nog altijd. Ropperhoff bewoonde het pand met een aantal andere blanken en minstens 11 huisslaven. Het pand heeft een lage stoep wat er op zou kunnen duiden dat het ooit een winkel is geweest (Dikland, 2004). Wanneer de bouw van het huis op Waterkant 30, waar minister Amafo haar werkplek nu heeft ingericht, na de brand precies is begonnen is niet bekend. Wel kwam het in 1846 al voor op de wijktelling van dat jaar. Aangezien de breedte van het nieuwe huis gelijk lijkt te zijn aan de breedte van de woning die er voor de brand stond, is het zeer waarschijnlijk dat de oude stoep is hergebruikt. Ook bestaat het vermoeden dat er met replica’s van of ornamenten die tijdens de brand gespaard zijn gebleven is gewerkt (Dikland, 2004).

Toekomst

Wat er nu met de gebouwen gaat gebeuren is een vraag die al jaren onbeantwoord blijft. Stephen Fokke, directeur van de Stichting Gebouwd Erfgoed Suriname (SGES) heeft het antwoord ook niet. ,,Wij hebben de autoriteiten vanaf 2011 aangeschreven en gewezen op de deplorabele staat van beide panden.” Enige tijd geleden was er sprake van dat de Centrale Bank van Suriname de panden zou overnemen. “Wij krijgen er in elk geval geen hoogte van. Dan weer wel, dan weer niet!”, aldus Fokke. Een medewerker van het Ministerie van Openbare Werken schetst de huidige situatie. ,,Er ligt een rapport waarin staat dat het pand in een dusdanig slechte staat verkeert dat er niet meer in gewerkt kan worden. Onze prioriteit ligt nu bij het vinden van een nieuwe locatie.” Tot die tijd blijven de medewerkers van het hoofdkantoor van het Ministerie van Sozavo werken vanuit deze verouderde en risicovolle panden.

Lees meer berichten uit de categorie Huis en zijn verhaal.

2015-06-02

E-mailadres:

Ik heb de algemene voorwaarden gelezen en ga ermee akkoord.